PGB Judith van Laere                                                                                              Begeleiding aan huis in Gouda en directe omgeving    

Autisme Informatie

Wat is autisme nu precies?

Autisme wordt gezien als een pervasieve (diepe, doordringende) ontwikkelstoornis.

Er zijn verschillende vormen van autisme die allen worden geschaard onder de term ”autismespectrumstoornis”. Waar het op neerkomt is dat autisme een stoornis is in de informatieverwerking van de hersenen. De informatie die in de hersenen binnenkomt wordt bij 

iemand met autisme op een andere manier verwerkt.


Waar bij iemand die geen autisme heeft de input vanuit de zintuigen verwerkt wordt tot een samenhangend geheel heeft het autistisch brein het moeilijk om de details van deze input samen te brengen. Doordat deze input niet tot een samenhangend geheel kan worden gecombineerd hebben autisten vaak een probleem met de communicatie met anderen, veel moeite met sociale interactie en geen of weinig fantasie.


De aandoening begint al vroeg, voor het derde levensjaar en heeft een negatieve invloed op de ontwikkeling van 3 vlakken of groepen. Deze 3 vlakken worden ook wel de autistische triade genoemd en vallen binnen het gebied van 1 Sociale interacties, 2 Taalontwikkeling, 3 Gedragsontwikkeling.


De cijfers

Wist je dat: meer dan 1 % van de Nederlandse bevolking autisme heeft? In totaal zijn dat ongeveer 190.000 mensen. Autisme in 90 % van de gevallen een erfelijke aangelegenheid is en in slechts 10% van de gevallen het autisme te wijten is aan bijvoorbeeld problemen tijdens de zwangerschap en bevalling. 15 -20% van de mensen met autisme naast autisme ook een verstandelijke beperking heeft.


Voordat de term “autismespectrumstoornis” gebruikt werd en alleen gediagnosticeerd werd op de vorm die we nu kennen als “Klassiek autisme” werd er berekend dat 1 op 2200 mensen autisme had. Nu de term “autismespectrumstoornis” behoorlijk ingeburgerd is blijkt dat ongeveer 1 op de 300 mensen een vorm van autisme hebben.



Taal- en spraakproblemen

In de ontwikkeling van jonge kinderen verwachten we rond het eerste jaar de eerste woordjes. Het kan wat langer duren, maar we gaan ons zorgen maken als kinderen tussen 1½ en 2 jaar nog geen woordjes of klanken gebruiken die verwijzen naar iets of iemand. Het is goed om hierover dan met de consultatiebureauarts of huisarts te praten. Mogelijk word je dan doorverwezen naar een Audiologisch Centrum voor nader onderzoek.


Een taalontwikkelingsstoornis is een stoornis in het leren van de moedertaal. Sommige kinderen zijn laat met het leren praten. Ze beginnen bijvoorbeeld pas op driejarige leeftijd met het praten in zinnen. 

Er is dan sprake van een vertraagde taalontwikkeling. Bij andere kinderen verloopt de taalontwikkeling anders dan bij de meeste leeftijdgenootjes het geval is. Er zijn kinderen die goed begrijpen wat er gezegd wordt, maar moeite hebben met het verwoorden van hetgeen ze willen vertellen. Dan is er sprake van een afwijkende taalontwikkeling.


Bij kinderen met taalproblemen maken we onderscheid tussen niet-specifieke taalontwikkelingsstoornissen en specifieke taalontwikkelingsstoornissen. Bij niet-specifieke taalontwikkelingsstoornissen verloopt de taalontwikkeling vertraagd of afwijkend als gevolg van of in combinatie met een ander probleem, zoals een verminderd gehoor, moeite met de contactname of een verstandelijke beperking. De aanpak zal gericht zijn op de factor die het meest op de voorgrond staat. Bij een specifieke taalontwikkelingsstoornis hebben we te maken met kinderen die uitsluitend problemen hebben in de taalontwikkeling.


Oorzaken

Vaak is er geen duidelijke oorzaak aan te geven en wordt verondersteld dat er ergens in het brein een minimale verstoring optreedt die met de huidige onderzoeksmethoden niet kan worden vastgelegd, ook niet met behulp van neurologisch onderzoek. Taal is ook een kwestie van aanleg. Zoals sommige mensen meer dan gemiddeld moeite hebben met bijvoorbeeld wiskunde, zo hebben anderen een zeer zwakke aanleg voor taal. De gebieden in de hersenen waarin de taalverwerking en taalplanning tot stand komen, kunnen anatomisch anders zijn of neurologisch niet optimaal functioneren. Dit is vaak erfelijk bepaald.


Gevolgen

Problemen met praten kunnen grote gevolgen hebben als ze niet worden onderkend. Als een kind dingen niet goed begrijpt of zich niet goed duidelijk kan maken, kan dat leiden tot misverstanden in de communicatie, vaak met frustraties tot gevolg. Die frustraties kunnen zich uiten in agressief of juist teruggetrokken gedrag. Een stoornis in de vroege taalontwikkeling kan op de basisschool ook leiden tot lees- en spellingsproblemen. En omdat taal ook een belangrijke rol speelt bij het denken kunnen taalproblemen leiden tot leerproblemen of leerachterstanden.


Hoe weet je of er sprake is van een taalontwikkelingsstoornis?

Een of meerdere van de volgende kenmerken kunnen voorkomen bij een kind met een taal(ontwikkelings-)stoornis:

  •  weinig woorden kennen;
  • moeite hebben om op een woord te komen;
  • vaak hetzelfde vertellen; vaak dezelfde woorden gebruiken;
  • slecht verstaanbaar spreken zonder dat er mond motorische beperkingen zijn of problemen met de planning en aansturing van de spreekbewegingen;
  • veel fouten in de zinnen maken;
  • erg korte zinnen maken;
  • vaak niet begrijpen wat er verteld wordt;
  • dichtklappen of zeggen "dat weet ik niet", als er een vraag wordt gesteld;
  • weinig praten, stil zijn;
  • praten met veel denkpauzes, stopwoorden en herhalingen;
  • driftig worden als hij/zij niet begrepen wordt/iets niet begrijpt;
  • een belevenis of verhaal buiten het hier-en-nu onvoldoende in taal aan de luisteraar kunnen overbrengen.


Wat kun je doen (als ouder)

Als je als ouder ongerust bent, kun je dit aangeven bij de consultatiebureauarts of contact opnemen met de huisarts. Het is altijd mogelijk een spraak-taalonderzoek te laten doen bij een multidisciplinair taalteam van een Audiologisch Centrum (in verband met vergoeding door zorgverzekeraar is verwijzing door een arts nodig). Op basis van de uitkomsten van een dergelijk onderzoek wordt bekeken hoe kind, ouders en eventueel school verder geholpen kunnen worden.


Er zijn vele mogelijkheden van verwijzing en advisering na multidisciplinaire diagnostiek op een Audiologisch Centrum. Te denken valt aan verwijzing naar een logopediepraktijk, plaatsing of begeleiding vanuit het speciaal onderwijs voor kinderen met taalontwikkelingsstoornissen, verwijzing naar instanties als Centrum Jeugd en Gezin (CJG) of MEE, naar speciale zorginstellingen of naar medisch specialisten.


Ook kunnen ouders ondersteund worden in het stimuleren van de taalspraakontwikkeling van hun kind door middel van speciaal hiervoor ontwikkelde oudercursussen. 




E-mailen
Bellen
Map